Vonnis betekend aan een medewerker, niet zijnde een bestuurder van de rechtspersoon. Is de verzetstermijn gaan lopen?

 

Inleiding

Een vliegtuig van Luchtvaartmaatschappij X heeft een vlucht voor haar passagiers omgeboekt. Deze vlucht was vertraagd, waardoor de passagiers recht hebben op compensatie van € 400,00 per passagier.

Een bedrijf, gespecialiseerd in het claimen van deze compensatie heeft Luchtvaartmaatschappij X aangesproken en gedagvaard.

Luchtvaartmaatschappij X is niet in deze gerechtelijke procedure verschenen en de rechter heeft derhalve een toewijzend verstekvonnis gewezen.

Dit verstekvonnis is betekend aan een medewerker, niet zijnde een bestuurder van Luchtvaartmaatschappij X.

De vraag die centraal staat is of de verzetstermijn gaat lopen, ondanks dat het vonnis niet aan een bestuurder van de onderneming is betekend?

Verzet instellen

Artikel 143 lid 2 en 3 bepaalt dat verzet binnen vier weken na betekening van het verstekvonnis moet worden ingesteld.

De betekening moet in persoon geschieden of er moet sprake zijn van een daad van bekendheid (bijvoorbeeld het reageren op de betekening van het vonnis of het later overbetekenen van een beslagexploot aan de schuldenaar), wil de verzetstermijn gaan lopen.

Standpunt Luchtvaartmaatschappij X

Luchtvaartmaatschappij X stelt zich op het standpunt dat het exploot van betekening niet aan een bestuurder van de luchtvaartmaatschappij is betekend, maar aan een medewerker van de rechtspersoon.

Hierdoor mag niet worden verondersteld dat het vonnis per betekeningsdatum bij Luchtvaartmaatschappij X bekend is, waardoor tijdig is verzet is gegaan.

Standpunt passagiers

De passagiers stellen zich op het standpunt dat Luchtvaartmaatschappij X het verzet niet tijdig heeft ingesteld. Door het betekenen van het vonnis aan een medewerker van Luchtvaartmaatschappij X, is de verzetstermijn gaan lopen. Nu het verzet niet binnen vier weken nadat het vonnis is betekend aan de medewerkers is ingesteld, zal Luchtvaartmaatschappij X niet ontvankelijk verklaard moeten worden in haar verzet.

Beoordeling rechtbank

De kantonrechter oordeelt dat de verzetstermijn is aangevangen door het betekenen van het vonnis aan de medewerker van Luchtvaartmaatschappij X.

Op grond van artikel 143 lid 3 en het arrest (HR 11 mei 1990, NL 1990/544) Wijl/Los Gauchos is de rechter van mening dat het betekenen van het vonnis aan een medewerker als zodanige bekendheid bestaat bij Luchtvaartmaatschappij X dat de verzetstermijn is gaan lopen.